Punt of komma?

Sinds enige maanden heeft de stichting weer een nieuwe columniste. Elke maand schrijft zij haar ervaringen met betrekking tot haar diagnose BPS in een ervaringsverhaal/column. De eerste columns zijn verschenen onder lotgenotencontact/columns. Vanaf 20 mei worden de columns verplaatst naar ervaringsverhalen. Voel je vooral uitgenodigd te reageren!

Punt of komma?

Voor koninginnedag was verlatingsangst al een beetje het thema van de week. Je snapt, natuurlijk, dat ‘een beetje’ nogal een understatement is. Het zweet brak me uit als mijn vriend net iets te laat terug sms’te. Ik heb het trouwens dan nog niet eens over het analyseren van alle sms’jes die ik wel kreeg. In alles zag ik een teken dat hij op het punt stond mij te verlaten. Dat hij me eigenlijk maar een stom wijf vindt.

In een poging dit gezonder aan te gaan pakken heb ik hem verteld dat ik zoveel last had van deze angsten en heb ik hem geprobeerd uit te leggen hoe die dingen een beetje werken in mijn hoofd. Niet één van de eenvoudigste dingen om te doen. In principe biecht je iemand op wat voor een paranoïde trut je eigenlijk diep van binnen bent. Gelukkig leek hij het wel ongeveer te begrijpen. Zijn samenvatting: ‘Dus eigenlijk word je dan al bang als ik een punt in plaats van een komma typ. Op dat moment zoek je daar al iets achter.’ Dit vond ik wel een grappige kijk erop, want eigenlijk klopt het wel. Als ik het in mijn hoofd heb gehaald dat een komma betekent dat hij zielsveel van mij houdt, en een punt dat hij bij mij weggaat, dan kan ik me niet voorstellen dat hij dat niet zou snappen. ‘Betekent een komma dan niet hetzelfde voor hem?’

Op koninginnedag zat ik met hem en een goede vriendin van mij in het stadspark om onze spulletjes te verkopen. Daarmee hopelijk genoeg geld verdienend om diezelfde avond lekker een biertje van te kunnen drinken.
Vanaf het begin raak ik al bijna in paniek als ik die twee met elkaar zie praten. Dan bereikt de verlatingsangst een alarmerend hoogtepunt. Mijn hart lijkt zich samen te knijpen en ik zou het liefst heel hard weg rennen om me thuis onder de dekens te verstoppen.
Zo ook deze keer. Al snel stonden ze samen ergens om te giechelen en ik werd gewoon duizelig van hoe snel mijn stresslevel steeg. ‘Maar!,’ dacht ik, ‘Ik ben nu gezonder dan een tijd terug en ik kan het dit keer op een gezonde manier aanpakken.’
Dus ik liet alle gedachtes die mij zijn aangeleerd in therapie de reveu passeren. Steeds als mijn keel werd dichtgeknepen door het beeld in mijn hoofd van hen samen dacht ik: ‘Tess, je weet dat hij van jou houdt. Als hij haar echt leuker had gevonden dan zou hij nu niet meer bij jou zijn.’ Helaas keek ik dan weer hun kant op en zag ik haar in haar witte jurkje staan om vervolgens een blik te werpen op mijn spijkerbroek. Hopeloos. De strijd om wie het meest sexy is zal ik altijd verliezen.

De strijd blijft vooralsnog woeden in mijn hoofd. Soms weet ik mezelf rustig te krijgen en krijg ik het voor elkaar om naar de gezondere stem in mijn hoofd te luisteren. De gevoelens volgen nog niet meteen, maar ik blijf erin vertrouwen dat die alleen maar een beetje traag van begrip zijn en snel zullen volgen.

Terug naar het overzicht